Artikelindex


1942.
De Duitse soldaten gingen nu op rooftocht en vorderden fietsen. Een boer aan de Prikkewei had zijn gloednieuwe fiets in de mesthoop verstopt. Het fietsnummer stond op het persoonsbewijs vermeld en na veel speurwerk vonden ze zijn fiets. De boer werd behoorlijk afgeranseld.
In juni werden alle mannelijke Joden van 18-55 jaar opgeroepen naar werkkampen in Duitsland te gaan. Het vinden van onderduikadressen was niet eenvoudig.
Postbesteller aan de Dorpsstraat, Durk Hellinga ( foto hieronder ) en zijn vrouw Sjoukje Hellinga-van Houten namen twee Joodse meisjes, Janny (uit Amsterdam) en Miep (uit Eindhoven)in huis en verbleven daar zelfs vier jaar. Ondertussen overleefden ze twee huiszoekingen.

 
  V.l.n.r. Miep van Engel (Eindhoven),Sjoukje Hellinga-van Houten, Janny Sluimer,
   Durk Hellinga en Janny Sluimer (Amsterdam).

Joden mochten niet meer naar school en niet op sportvelden verschijnen.

Ook verbleven in het grootste geheim Joodse onderduikers in de grafkelders onder de Adelskerk in Oud Beets. Duitse soldaten verschenen regelmatig in de kerktoren van de Adelskerk.
De onderduikers in de Geref. Kerk aan de Prikkewei, toen die werd omsingeld door Landwachters, verstopten zich onder de preekstoel en in het orgel. Uiteraard kon er toen niet op het orgel worden gespeeld

Jongemannen van 18 tot 20 jaar moesten zich melden voor de Arbeitseinsatz in Duitsland en de Jodenvervolging vond al op grote schaal plaats. Deze maatregel veroorzaakte heel veel onrust en mondde uit in een landelijke staking op 27, 28 en 29 april. Onze Beetster boeren leverden toen geen melk aan de zuivelfabrieken.
De Duitsers namen represailles en vermoordden willekeurig honderden Nederlanders. Een dag later werd bekend gemaakt, dat alle Nederlandse soldaten krijgsgevangen zouden worden gemaakt.

1943.
In dit jaar werd de “arbeidsinzet” uitgebreid voor ongehuwden en later gehuwden van 18-40 jaar. Vele jongemannen doken onder en werden door de verzetsbeweging aan een onderduikadres geholpen.
Vijf korfballers van Hermes vertrokken wel naar Düsseldorf. Oene Dijkstra uit Nieuw Beets was één van deze korfballers. Hij werkte daar in een fototoestellenfabriek. Zij overnachtten daar in barakken. Op 11 juni 1943 vonden daar zware bombardementen plaats door de geallieerden. Door de chaos konden zij nog per trein het land ontvluchtten. Thuis in de Janssenstichting dook hij onder, want hij beschikte niet meer over een persoonsbewijs.
Een maand later verschool hij zich met een aantal onderduikers achter zijn ouderlijke boerderij in een hol met een baggelbak als dak.
Ook ontving hij later een brief met het dwangbevel, dat hij zich onmiddellijk moest melden. Zelfs de dorpsagent kwam een keer op bezoek, maar hij zei toen meteen al: “Oene is net thús, tink?”
Eén keer per maand konden de Beetsters bonkaarten halen uit de OL-school aan de Straatweg (Domela Nieuwenhuisweg), waar een distributie-ambtenaar van de gemeente uit Beetsterzwaag zitting hield.


    Rechts de Openbare Lagereschool aan de Straatweg, waar de bonkaarten uitgedeeld werden
.

De verzetsbeweging vormde knokploegen om distibutiekantoren te beroven van bonkaarten en blanco persoonsbewijzen voor hun onderduikers.
In november sloten sommige NSB’ers zich aan bij de Landwacht, die uitgerust waren met hagelgeweren (21 landwachters in de gemeente Opsterland). ’s Nachts was het spertijd; je mocht niet meer op straat verschijnen.
Eind 1943 vond er een razzia plaats. Duitse soldaten blokkeerden de toegangswegen en zochten onderduikers en radio’s.
In december 1943 stortte aan het ondergronds kanaal in de Janssenstichting een Duitse Focke Wulf (FW) 190, die in Frankrijk was opgestegen en onderweg was naar Leeuwarden, neer.
Het toestel werd aangevallen door de Engelse P-47 Thunderbolts. De piloot landde veilig ten westen van de Commissieweg in Beetsterzwaag. Het wrak is niet geborgen.

Zoeken

Wie is online?

We hebben 211 gasten en geen leden online

Nieuwsflits

Zomaar een foto.